Roel en Hennie van Maarseveen B.V.
Roel en Hennie van Maarseveen Assurantiën B.V.

Veel Gestelde Vragen

Telefonisch bereikbaar op...

Maandag en dinsdag
07.00 tot 12.00 uur
13.00 tot 16.30 uur
's avonds van 19:00 tot 20:00

Woensdag en vrijdag
07.00 tot 12.00 uur
13.00 tot 16.30 uur
's avonds van 19:00 tot 20:00

Donderdag
07.00 tot 12.00 uur
's middags en 's avonds telefonisch gesloten

Zaterdag
08.00 tot 12.00 uur
's middags en 's avonds telefonisch gesloten

Telefoon
0521-592885

Fax
0521-593446

E-mail
info@vanmaarseveenassurantien.nl

Per Post
Eemster 14,
7991 PP DWINGELOO

Veel Gestelde Vragen



Strafrechtelijk verleden. Moet dit worden vermeld?



Ja, men mag niets verzwijgen. Op grond van art. 7:928 lid 5 van het Burgerlijk Wetboek is de (kandidaat-)verzekeringnemer slechts verplicht feiten mee te delen omtrent zijn strafrechtelijk verleden of dat van derden voor zover (a) deze feiten zijn voorgevallen binnen de acht jaar die aan het sluiten van de overeenkomst van verzekering vooraf zijn gegaan en (b) de verzekeraar daarover uitdrukkelijk een vraag heeft gesteld (c) in niet voor misverstand vatbare termen. Mededelingsplicht: Dit is de in art. 7:928 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek opgenomen verplichting voor de verzekeringnemer om vóór het sluiten van de overeenkomst van verzekering aan de verzekeraar alle feiten mede te delen die hij kent of behoort te kennen, en waarvan, naar hij weet of behoort te begrijpen, de beslissing van de verzekeraar of, en zo ja, op welke voorwaarden, hij de verzekering zal willen sluiten, afhangt of kan afhangen. Worden bij het aangaan van de verzekering de belangen van een bekende derde worden gedekt, dan geldt de mededelingsplicht ook voor de hem betreffende feiten die deze kent of behoort te kennen, en waarvan naar deze weet of behoort te begrijpen, de beslissing van de verzekeraar afhangt of kan afhangen - behalve als het om een persoonsverzekering gaat. Is er sprake van een persoonsverzekering inzake een bekende derde van nog geen zestien jaar, dan omvat de mededelingsplicht ook de hem betreffende feiten die deze kent of behoort te kennen en waarvan, naar hij weet of behoort te begrijpen, de beslissing van de verzekeraar afhangt of kan afhangen. De verzekeringnemer hoeft omtrent zijn strafrechtelijk verleden of dat van derden slechts de feiten mee te delen die zich hebben voorgedaan binnen de acht aan het sluiten van de verzekering voorafgaande jaren én voor zover de verzekeraar omtrent dat verleden - in niet voor misverstand vatbare termen - uitdrukkelijk een vraag heeft gesteld. Van de mededelingsplicht zijn uitgezonderd feiten waaromtrent op grond van de art. 4 t/m 6 van de Wet op de medische keuringen geen medisch onderzoek mag worden verricht of vragen mogen worden gesteld. De mededelingsplicht ziet evenmin op feiten die de verzekeraar reeds kent of behoort te kennen. En ook niet op feiten, die niet tot een voor de verzekeringnemer ongunstiger beslissing zouden hebben geleid. Overigens kunnen de verzekeringnemer respectievelijk de hiervoor bedoelde derden zich er niet op beroepen dat de verzekeraar bepaalde feiten reeds kent of behoort te kennen als zij een daarop betrekking hebbende vraag onjuist of onvolledig hebben beantwoord. Ontdekt de verzekeraar dat niet is voldaan aan de mededelingsplicht, dan kan hij de gevolgen daarvan slechts inroepen als hij de verzekeringnemer binnen twee maanden na de ontdekking op de niet-nakoming wijst. Hij moet daarbij aangeven wat de mogelijke gevolgen zijn. De verzekeringnemer kan de verzekering binnen twee maanden na deze mededeling met onmiddellijke ingang opzeggen. Dat recht komt hem ook toe als de verzekeraar zich na een schademelding beroept op verzwijging. Bij persoonsverzekering kan de verzekeringnemer de beëindiging beperken tot de persoon, wiens risico het beroep op de niet-nakoming betreft. Heeft de verzekeraar gebruik gemaakt van een vragenlijst, dan kan hij zich er niet op beroepen dat vragen onbeantwoord zijn gebleven, dat feiten waarnaar niet was gevraagd niet zijn medegedeeld of dat een in algemene termen vervatte vraag onvolledig is beantwoord. De verzekeraar kan zich daar wél op beroepen als de verzekeringnemer heeft gehandeld met het opzet hem te misleiden. De verzekeraar die ontdekt dat de verzekeringnemer heeft gehandeld met het opzet hem te misleiden of die bij kennis van de ware stand van zaken geen verzekering zou hebben gesloten, kan de overeenkomst van verzekering binnen twee maanden na ontdekking met onmiddellijke ingang opzeggen. Hij is ook geen uitkering verschuldigd aan de verzekeringnemer of de derde, die heeft gehandeld met het opzet hem te misleiden. En evenmin is hij een uitkering verschuldigd aan de derde indien de verzekeringnemer, met het opzet de verzekeraar te misleiden, niet heeft voldaan aan zijn mededelingsplicht met betrekking tot die derde.



Terug naar FAQ Overzicht
disclaimer | Diensten Advieswijzer | contact
Versie 2.3.0.0 100406
Voor deze website is een minimale resolutie van 1024x768 aanbevolen.
©2005-2010 Roel en Hennie van Maarseveen Assurantiën B.V.